De achtbaan van het leven
De wekker gaat om 07:00, tijd om naar je baan te gaan. Om 17:00 kom je thuis, uitgeput. Vervolgens is het tijd om naar je tweede baan te gaan. Ah shit, je moet nog eten. Ach, dat kan wel als je thuis bent. Om 20:30 ben je weer thuis; vermoeid, slapjes, hoofdpijn, trek. Nou snel even eten eerst, maar je moet ook nog leren voor school, bezig zijn met het eigen bedrijfje wat je hebt opgezet en eigenlijk wil je ook even ontspannen, iets leuks doen. En dan…val je stil.
Je ploft neer op de bank en doet helemaal niks meer. Je valt in slaap en wordt de volgende dag weer wakker om precies hetzelfde te doen. Herkenbaar?
Dit overkwam mij. Volledig uitgebrand en me pijnlijk bewust van het feit dat ik iets moest veranderen. Minder hooi op mijn vork nemen. Maar hoe maak je die keuze? En wat laat je vallen als alles belangrijk voor je is?
Vandaag neem ik jullie mee in mijn verhaal. Over het afgelopen jaar. En hoe ik uiteindelijk voor mezelf ben gaan zorgen.
In het afgelopen jaar zeiden mensen regelmatig tegen mij: “Je doet teveel, je moet echt minder doen”. Dan glimlachte ik, knikte en antwoordde: “Ja, je hebt gelijk”. Maar vanbinnen groeide de ondragelijke frustratie bij elk goedbedoeld advies. Ik was het volledig eens met wat anderen zeiden, maar wat zij niet wisten, was dat alles wat ik deed een goede en belangrijke reden had.
Eén ding stond vast; school had prioriteit. Ik was namelijk bijna klaar en moest alleen nog een aantal tentamens maken. Ik werkte inmiddels bij een mooie organisatie, dit stond uiteraard goed op mijn CV en verdiende goed. Mijn tweede baan gaf mij juist energie en plezier, daar kon ik juist opladen en even ontsnappen aan het serieuze leven. Wekelijks volgde ik intensieve therapie om aan mijn mentale gezondheid te werken. En dan was er nog mijn eigen bedrijfje. Ik weet nog hoe enthousiast ik was toen ik begon. Ik wilde graag anderen blij maken en een community creëren rondom mentale gezondheid. Is dat niet ironisch? Ik wilde anderen ondersteunen in hun mentale gezondheid, terwijl die van mij ver te zoeken was.
Terwijl deze gedachten dagelijks door mijn hoofd raasden, merkte ik hoe mijn energie langzamerhand weg ebde. Mijn ooglid begon te trillen, mijn oren begonnen constant te suizen, spontane en ongelegen huilbuien en ik kampte met een zeurende spierpijn. Zoals ik eerder beschreef; ik viel na werk op de bank in slaap en werd pas de volgende ochtend weer wakker. Dit heb ik maandenlang kunnen volhouden.
Uiteindelijk ben ik bij mijn ‘grote mensen baan’ het eerlijke gesprek aan. Ik gaf aan dat een fulltime baan mij geen ruimte liet om te leren of überhaupt naar school te gaan. En zonder diploma, geen baan. Al snel werd de conclusie getrokken dat het beter was om eerst afscheid te nemen van elkaar, zodat ik mij kon focussen op het behalen van mijn diploma.
Voelde dit goed? Nee, absoluut niet! Het heeft nog wekenlang slecht gevoeld en meerdere keren heb ik overwogen mijn onstlag in te trekken.
Daarna maakte ik ook de keuze om het piekeren over Plantavida los te laten, daar was het op dit moment niet de juiste tijd voor. Mijn tweede baan kon ik niet opgeven, dat bracht mij te veel, maar ik kon wel minder gaan werken. Uiteindleijk bleef daar één werkdag per week over.
Per 1 december veranderde in één klap mijn hele agenda. Opeens had ik de hele week vrij, op school na. Nu zou je denken; wat een opluchting! Maar dat was het niet. Een golf van vermoeidheid kwam over mij heen en ik kwam nu volledig stil te liggen. Netflix, dekentje en de bank waren mijn grootste gezelschap. Ruim tien jaar lang heb ik altijd een volle agenda gehad, en nu opeens niet. Ik wist niet wat ik met mijzelf aan moest, maar één ding wist ik wel: ik moest het stilstaan omarmen.
Ik moest mijn vermoeidheid accepteren en mezelf toelaten om niets te doen. Na een aantal weken begon mijn energie en motivatie binnen te druppelen. Langzamerhand pakte ik dingen in huis op, deed ik voorzichtinge pogingen tot sporten (hardnekkige sponsor van de sportschool) en zag ik mijn vrienden weer. Mijn vrienden had ik namelijk in lange tijd nauwelijks gezien, omdat ik daar simpelweg geen energie of tijd voor had. Dat voelde goed. Ook mijn lichamelijke klachten verdwenen stukje bij beetje, wat zorgde voor nog meer energie en vertrouwen.
Wat is nu eigenlijk het moraal van het verhaal? Eerlijk zijn naar jezelf en je omgeving. Zolang je jezelf, en anderen, blijft vertellen dat het wel goed komt, of dat het beter wordt wanneer dit of dat veranderd, blijft alles hetzelfde. Voor echte verandering moet je soms lastige keuzes maken en dingen loslaten die belangrijk voor je zijn. Het mooie is dat je dat niet alleen hoeft te doen. Door eerlijk te zijn naar je omgeving, kan men je helpen bij die lastige keuzes of je simpelweg steunen.
Terugkijkend was het afgelopen tijd niet mooi, niet licht en zeker niet makkelijk. Maar het was wel nodig. Ik heb geleerd dat eerlijk zijn naar jezelf geen zwakte is, maar een vorm van zorg. Dat stilstaan soms geen stap terug is, maar juist vooruit. En dat loslaten niet betekent dat iets verdwijnt, maar dat het ruimte krijgt om later terug te komen.
Het was even stil. Niet omdat ik weg was, maar omdat ik moest herstellen.
En juist daar begon alles opnieuw.